Blues muziektheorie gitaar

Kwintencirkel voor blues gitaristen: praktisch toegepast

Jan Vermeulen Jan Vermeulen
· · 10 min leestijd

Luister eens, kerel. De kwintencirkel. Als je die term hoort, denk je misschien: oh nee, theorie. Saai.

Inhoudsopgave
  1. Wat is die cirkel eigenlijk?
  2. Waarom moet je dit als gitarist weten?
  3. De Praktijk: De Hals en de Blues
  4. Het echte werk: De I - IV - V Progressie
  5. Geavanceerd: Van Theorie naar Soul
  6. Conclusie
  7. Veelgestelde vragen

Niks voor mij. Ik snap het. Maar hou je vast. Ik ga je niet vertellen dat je een theorie-examen moet doen.

Ik ga je laten zien dat dit het geheime wapen is dat je nodig hebt om eindelijk te begrijpen waarom bepaalde blues-progressies zo goed klinken, en hoe je daar overheen kunt improviseren alsof je B.B. King zelf bent.

Het is de plattegrond van de blues. En vandaag ga je die lezen.

Wat is die cirkel eigenlijk?

Oké, scherp houden. Stel je een horloge voor. Of een pizza. Maakt niet uit. De cirkel van kwinten is gewoon een lijst van alle 12 tonen die we hebben, in een cirkel gerangschikt.

Het draait allemaal om de kwint (dat is een interval van 7 tonen, inclusief de startnoot).

  • Vanaf C, een kwint hoger is G.
  • Vanaf G, een kwint hoger is D.
  • En zo verder: A, E, B, F#, enzovoort.

De meest simpele versie begint met de C majeur toonsoort bovenaan. Als je rechtsom gaat, tel je elke stap op de cirkel op met een kwint. Dus:

Als je tegen de klok in gaat, tel je een kwint omlaag (of een kwart op). Dat is veel logischer voor de harmonie. Dus: De cirkel bevat zowel de majeur- als de mineurtoonsoorten.

  • Vanaf C, een kwint omlaag is F.
  • Vanaf F, een kwint omlaag is Bes (Bb).
  • En verder: Es, As, Dis, enzovoort.

Ze staan vaak bij elkaar in de buurt. Bijvoorbeeld: A mineur is de relatieve mineur van C majeur.

Ze hebben precies dezelfde snaren in de toonladder. De cirkel laat dit duidelijk zien.

Waarom moet je dit als gitarist weten?

Je speelt waarschijnlijk blues in de 'twaalfste positie' (of een andere positie). Je speelt een 'patroon' of 'box' over de hals.

Die patronen werken omdat ze passen bij de toonsoort. De kwintencirkel vertelt je precies welke noot bij welke toonsoort hoort.

Het 'Major to Minor, a fifth away' trucje

Het helpt je om te weten wat je speelt, en niet zomaar wat aan te rommelen. Stel je voor: je speelt in C majeur. Je weet dat de 'dominante' (de G) het het beste doet als je teruggaat naar de C. Waarom?

"Elke majeur toonsoort heeft een bijbehorende mineur toonsoort die een stapje terug (of een kwint omlaag) op de cirkel staat."

Omdat G een kwint hoger ligt op de cirkel. De cirkel laat zien dat de 'sterke' kwinten (naar rechts op de cirkel) de spanning opbouwen, en de 'zwakke' kwinten (naar links) de spanning oplossen.

  • C Majeur zit bovenop de cirkel.
  • Een stapje terug (linksom) is F. Dat is de subdominant.
  • Een stapje terug van F is Bes. Enzovoort.
  • Maar kijk eens wat er gebeurt als je de cirkel uitprobeert met de relatieve mineur:

Een van de handigste ezelsbruggetjes voor bluesgitaristen is deze: Check dit: C Majeur (boven) -> A Mineur (er rechtsonder).
G Majeur -> E Mineur.
D Majeur -> B Mineur. De relatieve mineur zit dus altijd 3 stappen linksom (of 9 stappen rechtsom) op de cirkel.

Dit is goud waard. Je weet nu direct welke toonsoort bij elkaar hoort.

De Praktijk: De Hals en de Blues

Oké, genoeg getheoretiseer. Pak je Fender of Gibson erbij.

We gaan naar de hals kijken. De kwintencirkel op de gitaar is visueel. Je kent vast de 'Pentatonische schaal'.

Hoe de cirkel je hals vertaalt

De meeste bluesgitaristen leren eerst de 'A-minor pentatonische box' (positie 1). Als je daarbij ook toonaarden en sleutels voor blues gitaar begrijpt, zit je meestal goed rond de 5e fret.

Als je de toonsoorten op die positie bekijkt, speel je letterlijk de noten van de relatieve majeur toonsoort. De kwintencirkel helpt je om de toonsoorten te vinden. Kijk naar de cirkel: Stel: Je speelt een riff in C majeur op de 8e fret (C toon).

  • Je zit in A majeur (stap rechtsom van C). De toonsoort die een kwint hoger is, is E. De toonsoort die een kwint lager is, is D.
  • Op de gitaar: Als je speelt in de 'A-pentatonische' (die vaak rond de 12e fret zit), zijn de 'sterke' kwinten letterlijk de posities die 7 fretten verderop liggen (of 5 fretten terug).

Je wilt een 'kwint' toevoegen om te wisselen. Je hoeft alleen maar de cirkel te volgen.

De kwint van C is G. De kwint van G is D. Dus, als je in C speelt, en je wilt naar G (de dominante), weet je dat ik de positie van G moet gebruiken. En als ik naar G ga, is de volgende logische stop D (de subdominant).

Het echte werk: De I - IV - V Progressie

Dit is de basis van bijna elke blues ooit geschreven. De "12-bar blues". De Akkoorden zijn de I, de IV en de V. Op de gitaar is dit letterlijk de cirkel.

Kijk naar de cirkel. Stel je staat in C.

  1. De I (C) is je thuisbasis.
  2. Als je een stapje linksom gaat (tegen de klok in), kom je uit bij F. Dat is de IV.
  3. Als je een stapje rechtsom gaat (met de klok mee), kom je uit bij G. Dat is de V.

C - F - G. Simpel. Maar als je dit op de hals zet, en je weet dat de F letterlijk naast de C staat op de cirkel (en de G er naast de andere kant), dan speel je niet meer zomaar akkoorden.

Je speel je een logische harmonische beweging. Veel bluesgitaristen (zoals Clapton of King) wisten dit onbewust. Ze voelden het. Maar als jij leert hoe je soepel moduleert tijdens je blues-solo, hoef je niet meer te gokken welke noot je moet pakken.

De Mineur Kwintencirkel

Je volgt de lijn. Blues is vaak mineur.

Dus, de 'andere' kant van de cirkel is misschien nog wel belangrijker voor je. Als je de cirkel draait, ziet de volgorde er zo uit: Am, Em, Bm, F#m, C#m, G#m, D#m, A#m, F, Bb, Eb, Ab. De 'dominante' van A mineur is E. De 'subdominant' is D.

Het werkt exact hetzelfde, maar het voelt donkerder en emotiever aan. Dit is de kern van de meeste blues solo's.

Geavanceerd: Van Theorie naar Soul

Oké, je bent een stapje verder. Je wilt niet alleen de akkoorden spelen, je wilt solo's creëren die de rillingen bezorgen.

Hoe gebruiken we de cirkel hier voor? De bluespentatonische schaal is de basis. Maar als je echt diepgang zoekt, helpen slimme akkoordinversies in blues gitaar je om de "verwante" toonsoorten te vinden.

Stel je voor: Je bent in A mineur (je speelt de "Box 1" positie). Je klinkt goed, maar je wilt wat extra spanning.

  • De cirkel vertelt je dat de "dominante" van A mineur, de E is (verderop op de cirkel).
  • Als je wilt wisselen, ga je naar de positie van E.
  • Maar, de cirkel vertelt je ook dat je de "subdominant" (D) kunt gebruiken, of de "verwant" (C).

Door deze posities letterlijk op te zoeken op de hals (fysiek verplaatsen van je hand), zorg je dat je melodieën niet eentonig blijven.

De Hals als Cirkel

Je speelt met de harmonie mee, in plaats van eroverheen. Probeer dit de volgende keer als je oefent: Door letterlijk je hand te verplaatsen naar de buren op de cirkel, speel je de noten die harmonisch perfect passen. Dit is hoe je die "Clapton-sound" krijgt. Het is niet magie; het is het volgen van de kwinten.

  1. Kies een toonsoort, bijvoorbeeld E.
  2. Vind de positie op de hals waar je de E pentatonische speelt (meestal positie 0 of 12).
  3. Kijk naar de cirkel: Wat is de kwint? A. Waar zit de A pentatonische op de hals? (7 fretten lager of 5 hoger).
  4. Waar is de subdominant? A (ja, die is het in mineur!).

Conclusie

De kwintencirkel is geen klassexamen. Het is de plattegrond van de blues.

Als je hem begrijpt, hoef je nooit meer te denken: "Welke noot moet ik nu spelen?". Je kijkt naar de cirkel, je ziet waar je vandaan komt (de basis), waar je heen kunt (de dominante), en wat er logischerwijs tussen zit. Probeer het morgen.

Speel een simpele C-Blues. Speel C. Speel G. Speel D. Voel de beweging. En als je je verveelt, verplaats je je hand naar de positie van de G. Speel daar.

En dan naar de D. Volg de cirkel, en je zult zien dat je solo's plotseling logisch en diep klinken. Veel succes.

Veelgestelde vragen

Wat is het nut van de kwintencirkel?

De kwintencirkel is een handig hulpmiddel om te begrijpen hoe toonsoorten met elkaar verbonden zijn. Het helpt je om de harmonische relaties tussen noten te zien, waardoor je betere bluesprogressies kunt improviseren en een dieper begrip van de muziek krijgt. Het is een visuele manier om te zien welke noten goed bij elkaar passen.

Wat is de kwintencirkel op de gitaar?

De kwintencirkel is op de gitaar een visuele weergave van de relatie tussen toonsoorten en de noten op de hals. Het helpt gitaristen te zien welke noten en toonsoorten zich in de buurt van elkaar bevinden, waardoor ze patronen en progressies gemakkelijker kunnen herkennen en gebruiken bij het spelen van blues.

Wat is de kwintencirkel in muziektheorie?

In muziektheorie is de kwintencirkel een diagram dat de relatie tussen alle 12 tonen weergeeft, gerangschikt in een cirkel gebaseerd op kwinten. Het laat zien hoe toonsoorten met elkaar verwant zijn en hoe ze harmonisch met elkaar werken, waardoor je de basis van veel muziekstijlen kunt begrijpen.

Hoe werkt de circle of fifths?

De Circle of Fifths is een manier om de relaties tussen toonsoorten te visualiseren. Het werkt door toonsoorten in een cirkel te plaatsen, waarbij elke toonsoort een kwint hoger is dan de vorige. Dit helpt je te begrijpen hoe progressies en harmonieën werken en hoe je verschillende akkoorden en melodieën kunt combineren.

Wat is het ezelsbruggetje voor de kwintencirkel?

Een handig ezelsbruggetje is om te denken aan de volgorde van de toonsoorten rond de cirkel: C, G, D, A, E, B, F#, Db, Ab, Eb, Bb, F. Dit helpt je om de relaties tussen de toonsoorten te onthouden en te begrijpen hoe ze met elkaar verbonden zijn.


Jan Vermeulen
Jan Vermeulen
Blues gitarist en gitaar expert

Jan Vermeulen is een ervaren blues gitarist met een passie voor gitaar advies.

Meer over Blues muziektheorie gitaar

Bekijk alle 27 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Blues muziektheorie voor gitaristen: de essentie in gewone taal
Lees verder →